| Notities: |
| -Persoon | Samen met zijn broer Pieter woonde hij in Nij Amerika in Gaasterland. In eerste instantie bewoonden zij een woning die bekend staan als ’plaggehutte’. Later hebben ze een dubbele woning gezet die toentertijd rond de 800,- gulden heeft gekost. Zij waren boer en hadden land van Douwe Egberts gehuurd en later gekocht. Nadat Fimme zijn grond heeft verkocht aan de zonen van Pieter is hij naar Blaricum verhuisd en woonde in bij zijn dochter.
Op zijn huwelijks datum 13 mei 1895 kwam hij van Weesper Carspel terug op Wijk N w 54a waar zijn ouders woonden. Op 12 mei 1887 kwam hij uit Lemmer en op 3 juni ging hij naar Nijermirdum. Hij was nog niet getrouwd. Meike kwam van op die datum van Lemmer BS bld nr 162 Op zijn persoonskaart staat een andere geboorte datum dan op zijn grafsteen en geboorte bewijs.
Fimme Sjoukes vd Wal (1865-1955) is arbeider en trouwt op 8 juni 1895 met Meike Pieters Altena (1866 te Westhem -1932) woonden op de hedendaagse Nij-Amerika 10. Wellicht hebben zijn ouders hier ook gewoond. Fimme en Meike krijgen 7 kinderen; Sjouke, Pieter, Hittje, Hendrikje, Trijntje, Tjepkje en Janneke. Nadat de kinderen de deur uit waren is Fimme Sjoukes is in 1936 vanuit Nij-Amerika naar Blaricum verhuisd, nadat zijn vrouw Meike Altena in 1932 was overleden. Hij ging bij zijn dochter Trijntje van der Wal en schoonzoon Jaap Calis wonen. Fimme Sjoukes is aldaar op 9 januari 1955 overleden.
Op het schilderij van opa zie je duidelijk Carl Schluters handtekening. Ik denk op die van Meike ook. (Dan is die v Fimme hetzelfde) Het schilderij van meike is van een foto af geschilderd. Carl kwam bij hun thuis langs.
tekst bij foto Fimme van der Wal. Man met bijl; En mijn moeder zei dat is de vader van mijn oma Hendrika Calis-de Jong (mijn overgrootmoeder) Jacob de Jong geb. in 1832. (dat niemand dat nu eerder verteld heeft....)Marianne Pos.
Fimme v d Wal in Blaricum Mijn moeder vertelde gisteren dat zij 4 jaar was (geb. 1931) toen Fimme in Blaricum kwam wonen. Dat had haar moeder verteld. Eerst had hij het geprobeerd bij kinderen in Friesland maar dat beviel hem niet. Toen ging hij naar dochter Hendrika vd Wal in Utrecht, die woonden in een rijtjeshuis. Dat beviel ook niet, hij kon er ook niets doen overdag, dus na 2 weken was hij al naar dochter Trijntje in Blaricum vertrokken. Hij ging iedere dag lopend naar de mis in de Vituskerk en onderweg wachtte hij op mevr. Beertje zo noemde hij haar (heette van Beers) en gingen ze samen naar de kerk. Hij kende daardoor veel mensen. Ook een meneer Stoffels, vroeg mijn opa “heb je nog iemand gesproken ?” Zei Fimme “Ja die Stoffer” haha.
Kwam hij weer thuis, kleedde hij zich om, nette pak uit, en ging b.v. in de groentetuin “de kweek” aan het schoffelen en zo. Hij verveelde zich dus niet. Ging met de kinderen wandelen. Ook naar Laren om de St. Jansprocessie te zien en huurde dan een stoeltje om op te zitten, de kinderen moesten staan of in ‘t gras zitten. Hij kocht dan een ijsje voor ons zei mijn moeder.
Toen de eerste man van zijn dochter Riek ,Johannes van der Steen overleed in dec. 1954 ging Fimme naar de begrafenis. Het was heel erg koud en mijn opa had tegen hem gezegd dat hij zijn pet op moest houden op het kerkhof omdat het veel te koud was. Dat deed Fimme dus niet want hij vond dat niet netjes tegenover de overledene. (Vertelden Els en mijn moeder). Daarna is hij ziek geworden en kreeg longontsteking en is hij overleden.
Marianne Pos |
|